Boeken

In de NUL20 boekenrubriek worden publicaties besproken op het terrein van stedelijke ontwikkeling, wonen, volkshuisvesting, wijkontwikkeling en leefbaarheid.

De vraag naar duurzame toepassingen voor een comfortabel klimaat binnenshuis (of in bedrijfsgebouwen) neemt sterk toe. Daarom is een boek voor de professional, die op de hoogte wil zijn van state of the art mogelijkheden voor passieve klimaatbeheersing, welkom.

Het moet een mooi gezicht zijn geweest, sleepboten die een compleet huis over het IJmeer naar Amsterdam varen. Zorgvuldig manoeuvrerend door de krappe sluis. Er liggen er inmiddels een kleine honderd bij het Steigereiland en er volgen er meer. De Amsterdamse Waterbuurt, direct achter de Enneüs Heermabrug, is een feit.

Kleur zou tot dusver een onderbelicht aspect zijn van de stedelijke vormgeving. Dat is althans de boodschap van Rob van Maanen. Hij is oprichter van het Kleurbureau en adviseert onder meer stedenbouwkundigen en architecten over beeldkwaliteitsplannen. In de serie SUN statement publiceert hij nu een gedegen inleiding in de omgang met kleur.

Zeker in een overvol land als het onze, is de druk op de ruimte langzamerhand zo groot geworden dat je tegenstrijdige belangen en visies nog maar nauwelijks via de bestaande procedures kunt verzoenen. Gelukkig staat het denken niet stil.

Dertig jaar geleden zaaide de Amerikaanse kunstenares Agnes Denes een stuk grond midden in New York in met graan. Haar statement was duidelijk: een stad kan geen dag zonder voedsel. Het wordt alleen steeds verder weg geproduceerd en komt, industrieel verwerkt en kleurig ingepakt, per vrachtwagen terecht in de schappen van supermarkten, die de plaats van stadsboerderijen hebben ingenomen.

In een periode waarin de vierkante meterprijs toonaangevend is en de overheid zich terugtrekt uit ruimtelijke projecten, verschijnt een prachtig boek over stedelijke ontwikkeling in Nederland. Hoewel de titel doet vermoeden dat het gaat om een lineair historisch overzicht, is dat maar ten dele waar. Het is de verdienste van dr.

Het lezen van boeken in de serie ‘Design and Politics’ is als het bezoeken van een ééndaags congres. Een serie welbespraakte ingewijden behandelt in hoog tempo een fascinerend onderwerp, maar na de derde spreker begin je wat moe te worden van de sweeping statements. Gelukkig biedt een boek de mogelijkheid om er later nog eens rustig voor te gaan zitten.

Stadsdeel Amsterdam Oost stelt 250.000 euro beschikbaar om onrust rond het Cruyff Court in het Ed Pelsterpark in goede banen te leiden. Maar misschien is lezing van ‘Common Grounds’ een goedkopere oplossing. Centraal thema: de publieke ruimte is nooit af.

‘Amsterdam vitale stad’ is een doorwrocht gemeentelijk rapport over de Amsterdamse woningmarkt. Ondanks de veelheid aan informatie, onderbouwd met thematische kaarten en grafieken, is de tekst voor niet-deskundigen goed te lezen en interessant.

Niet alleen huizen, maar ook de straten waar ze aan staan worden opengebroken en vernieuwd of voor het eerst aangelegd. Maar vergeleken bij de aandacht die uitgaat naar het ontwerp van bebouwing, komen straten er bekaaid van af. Terwijl het belang van een goed ontworpen straat toch buiten kijf staat. Niet voor niets is de ondertitel: ‘Hoe ontwerp je een goed straatprofiel?’.

Een van de ‘usual suspects’ als het om voorbeeldprojecten van particulier opdrachtgeverschap gaat, is Nieuw Leyden. In 2005 besluit de gemeente Leiden een voormalig industrieterrein in Leiden-Noord te herontwikkelen. Nieuw Leyden moet bewoners gaan trekken die de stad al ontvlucht zijn of noodgedwongen de stad moeten verlaten bij gebrek aan goede alternatieven.

‘Een geografisch portret van Amsterdam’ noemt Jos Gadet zijn onlangs verschenen studie van Amsterdamse buurten. Van Jane Jacobs, die hetzelfde deed voor delen van New York, weet de hoofdplanoloog van de dRO dat je een buurt pas echt kunt beschrijven als je er zelf vaak doorheen bent gewandeld.

Schaalvergroting, ook in de bouw, lijkt een logische benadering. Maar in de praktijk leidt het tot gestapelde complexiteit, onvoorziene vertraging en financieringproblemen. Om over verstoorde werkrelaties maar te zwijgen. Het kan mogelijk anders, namelijk door de ‘lean’ benadering toe te passen. Tot voor kort was er echter voor bouwers en opdrachtgevers geen instructief boek beschikbaar.

Een boek dat er al lang had moeten zijn: Hans Bonkes uitgebreide studie van Amsterdamse pakhuizen. De hoofdstad staat er immers vol mee, waaronder zelfs driehonderd van voor 1800. Lang zijn ze beschouwd als oninteressant en lelijk, totdat de belangstelling voor industriële architectuur en de jongere geschiedenis, vanaf midden vorige eeuw, zorgde voor een herwaardering.

Hoe de stedelijke vernieuwing zich zal ontwikkelen tijdens en na de economische crisis is niet goed te voorspellen. Behoud en organischer vormen van ontwikkelen lijken de tendens te zijn. De wijkaanpak gaat door, zeggen gemeenten en corporaties. Daar passen wellicht ook ‘culturele interventies’ in: bewoners die met kunstprojecten worden gestimuleerd zich actief met hun buurt te bemoeien.

Pagina's