College trekt twee miljoen uit voor wijksteunpunten wonen

College trekt twee miljoen uit voor wijksteunpunten wonen
WSW: één plek voor vragen over wonen

Als het aan het college lag, had elk stadsdeel deze maand al een eigen wijksteunpunt wonen. De centrale stad heeft voor elk stadsdeel 71.500 euro subsidie klaarliggen om er één op te richten, en wel uiterlijk voor 1 juli. In Noord en Zuidoost is men nog lang niet zover. En in Slotervaart wordt de subsidie zelfs met enig wantrouwen ontvangen. De buurtorganisatie Eigenwijks adviseerde negatief over de vorming van (weer) een nieuwe organisatie. Waarom wil de Huurdersvereniging zo graag zo’n wijksteunpunt? Een verkenning.

Huurdersvereniging Amsterdam, de huurteams en het Amsterdams Steunpunt Wonen dienden anderhalf jaar geleden het voorstel in om in ieder stadsdeel een wijksteunpunt wonen (WSW) op te richten. Dit plan paste kennelijk in het collegevoornemen om de positie van bewonersorganisaties te versterken, want er werd voor 2007 en 2008 twee miljoen euro vrijgemaakt voor de uitvoering. Het college verstrekt de subsidie onder voorwaarde dat er vanaf 1 juli dit jaar een wijksteunpunt wonen is ingericht. Verder wordt een convenant opgesteld tussen de centrale stad en de stadsdelen waarin de taakverdeling en de positie van de stuurgroep wijksteunpunten wonen zijn uitgewerkt en geformaliseerd.

Volgens wethouder Volkshuisvesting Tjeerd Herrema moeten de wijksteunpunten dé plek worden waar bewoners terecht kunnen met vragen over huur en wonen. Herrema: “Nu spelen veel partijen een rol en is de taakverdeling niet helder. Door alles bij elkaar te brengen op één punt wordt de drempel veel lager.”

Een belangrijke taak van WSW’s is het begeleiden van bewoners bij het voeren van procedures en het behartigen van hun belangen tijdens grootschalige onderhouds- en renovatieprojecten. Ook voorlichting over rechtspositie en huurprijzen en het signaleren van knelpunten horen daar bij. Een basistaak van het WSW is bovendien om georganiseerde bewoners, zoals bewonerscommissies of een huurdersvereniging, te adviseren en inhoudelijk advies te geven. In stadsdelen waar geen of nauwelijks sprake is van georganiseerde huurders zal volgens Margriet Koomen van Huurdersvereniging Amsterdam via ‘empowerment’ worden geprobeerd nieuwe groepen te stimuleren actief te worden.

Tot nu toe zijn in de meeste stadsdelen tal van organisaties op dat vlak actief. Door de krachten te bundelen zou de bewonersondersteuning doeltreffender moeten worden.

“Steeds professioneler”

Wijksteunpunten wonen zijn geen nieuw fenomeen in Amsterdam. In stadsdeel Oud Zuid is al enkele jaren een dergelijke organisatie actief. En op 1 juli 2005 is Wijksteunpunt Wonen Centrum van start gegaan, naar het voorbeeld van Oud Zuid. Het WSW-Centrum is een samenwerkingsverband tussen Huurteam Binnenstad, de woonspreekuren en drie wijkcentra. Zij doen het uitvoerende werk op het gebied van huurdersondersteuning. Daarnaast is ook de achthonderd leden tellende Huurdersvereniging Centrum actief, die wordt ondersteund door het WSW.

Volgens Guust Augustijn van WSW-Centrum is het binnen de nieuwe organisatie een stuk makkelijker geworden om gegevens uit te wisselen. “Hierdoor krijg je een beter beeld wat er speelt in het stadsdeel. Maar daardoor krijgen we ook een beter beeld van alle problemen die we moeten laten liggen door capaciteitstekort. We zouden bijvoorbeeld veel meer ondersteuning willen bieden bij renovaties, maar tot op heden hebben we daar te weinig capaciteit voor gehad. Maar stadsdeel Centrum ziet ook het belang in van onze organisatie en heeft voor dit jaar extra subsidie toegekend.”

Augustijn streeft naar een pro-actieve aanpak. Hij legt uit: “Eigenlijk zouden we het liefst direct na het aanvragen van een bouwvergunning door een huiseigenaar, ondersteuning aan de bewoners willen aanbieden. Met de extra subsidie kunnen we daarmee dit jaar al beginnen.” Ook zal het WSW de huurdersvereniging in de toekomst actiever gaan ondersteunen, zodat deze club meer invloed uit kan oefenen op het huurbeleid in de binnenstad.

De spreekuren van WSW-centrum worden gehouden door vijftien, speciaal voor dat doel geschoolde vrijwilligers. Ze worden volgens Augustijn steeds drukker bezocht. “Ik merk dat we in dit samenwerkingsverband steeds professioneler zijn geworden. Wel is onze naamsbekendheid nog te klein. Er wordt nu gewerkt aan het voeren van meer publiciteit en aan het ontwerp van een duidelijk herkenbaar logo dat op stedelijk niveau gebruikt gaat worden voor alle wijksteunpunten wonen.”

Negatief advies

Margriet Koomen was betrokken bij de eerste plannen om te komen tot WSW’s in alle stadsdelen. Het is in weinig stadsdelen gelukt om al per 1 januari een wijksteunpunt te hebben, zoals in eerste instantie het streven was. “Maar in Oud-West zijn ze in oktober vorig jaar al gestart en in ZuiderAmstel is men enige tijd bezig het huurteam om te vormen naar een WSW. We zijn met ons plan langs diverse stadsdelen en wijkcentra gegaan en over het algemeen is er positief op gereageerd.”

Maar niet in alle stadsdelen zit men te springen om een wijksteunpunt. Koomen: “In Slotervaart bijvoorbeeld werd negatief gereageerd door het wijkopbouworgaan. Ze denken dat wij daar de boel willen overnemen, terwijl het er juist om gaat om de bestaande organisaties te professionaliseren en de mogelijkheid te bieden een extra medewerker in dienst te nemen.”

In stadsdeel Slotervaart is al jaren de organisatie Eigenwijks actief. Hierin werken diverse bewonersorganisaties samen. In november werden vertegenwoordigers van onder meer bewonerscommissies, migrantenorganisaties en verenigingen van eigenaren gevraagd waar zij behoefte aan hebben als het gaat om advies en ondersteuning op het gebied van wonen en huren. Tijdens die bijeenkomst werd geconcludeerd dat Eigenwijks in feite al de rol heeft van een wijksteunpunt wonen. Ook werd de vrees uitgesproken dat het opzetten van weer een nieuwe organisatie zou leiden tot verwarring, terwijl Eigenwijks zijn ondersteunende taken nu prima uitvoert. Wel is er bijvoorbeeld behoefte aan meer voorlichting en aan meer budget voor professionele ondersteuning. De conclusies en aanbevelingen zijn inmiddels naar het stadsdeelbestuur gestuurd.

Witte vlekken

Uit een inventarisatie van organisaties voor huurdersondersteuning in de stadsdelen is gebleken dat er nog een aantal witte vlekken is. Margriet Koomen van Huurdersvereniging Amsterdam.: “In Osdorp is bijvoorbeeld ook een wijkopbouworgaan actief, maar dat wil het stadsdeel graag professionaliseren. Dat kan met de middelen die nu door de centrale stad worden geboden. In Noord en Zuidoost is nog helemaal niets op dit gebied. Er is wel opbouwwerk in die stadsdelen, maar daar is de laatste jaren alleen maar op bezuinigd. En de leefbaarheidsplatformen die daar actief zijn, zijn puur gericht op leefbaarheid en niet specifiek op volkshuisvesting. Juist in die stadsdelen is het hard nodig om huurders te helpen om hun eigen belangen te behartigen. Ik hoop dan ook dat het lukt om ook in Noord en Zuidoost een wijksteunpunt wonen op te zetten.”

Amsterdam-Noord laat desgevraagd weten zeker in te zijn voor het opzetten van een WSW. Er is inmiddels ook een motie van die strekking door de stadsdeelraad aangenomen. Een woordvoerder: “We zijn blij met de uitwerking van het stedelijk beleid en zijn vast van plan dit in Noord in te passen. Momenteel wordt bekeken hoe een en ander gefinancierd en opgezet kan worden.” In stadsdeel Noord wordt er van uitgegaan dat per 1 juli een WSW actief is.

Janna van Veen

College trekt twee miljoen uit voor wijksteunpunten wonen
WSW: één plek voor vragen over wonen

Als het aan het college lag, had elk stadsdeel deze maand al een eigen wijksteunpunt wonen. De centrale stad heeft voor elk stadsdeel 71.500 euro subsidie klaarliggen om er één op te richten, en wel uiterlijk voor 1 juli. In Noord en Zuidoost is men nog lang niet zover. En in Slotervaart wordt de subsidie zelfs met enig wantrouwen ontvangen." data-share-imageurl="">