08.01.21
Geactualiseerd op: 
08.01.21
Wethouder Laurens Ivens over de nieuwbouwproductie in Amsterdam
'Bijna 6.000 woningen in het corona-jaar is een immense prestatie'

Amsterdam nam vorig jaar 5.932 nieuwe woningen in aanbouw. Dit is bijna 18 procent minder dan in 2019 en beduidend minder dan de ambitie van het college. Niettemin beschouwt wethouder Laurens Ivens dit als 'een immense prestatie' gezien de coronacrisis. En waarom is hij zo optimistisch over de nieuwbouwproductie in 2021?

Het huidige college had zich voorgenomen de nieuwbouwproductie te verhogen naar gemiddeld 7.500 woningen per jaar. Dat lukte vorig jaar bij lange na niet. Weinig reden voor tevredenheid lijkt me. Waarom dan toch spreken over een 'immense prestatie'?

Ivens: "De reacties in de media hebben me verbaasd. Iedereen lijkt de situatie in dit voorjaar te vergeten. De vraag was toen of de markt niet zou instorten en of er überhaupt werd doorgebouwd. De corona-maatregelen hebben enorme impact gehad op alle partijen in het bouwproces. Overal verloopt alles net iets trager. Onze lat ligt erg hoog. Dat moet ook want de woningnood is groot. Maar meer dan gemiddeld 5.000 woningen per jaar bouwen is historisch gezien gewoon heel veel. In die context is bijna 6.000 echt een prestatie gezien de omstandigheden."

Middensegment

'De kritiek, ook in de gemeenteraad, spitste zich vooral toe op enorme terugval in de bouw van middeldure huurwoningen. Waarom stortte de productie specifiek in dat segment in?
'De planvoorraad voor 2020 was redelijk, maar daarvan is maar 25 procent gerealiseerd. De oorzaken waardoor projecten met veel middeldure huurwoningen zijn vertraagd, zijn heel divers. Naast de bekende factoren als bezwaarprocedures, bouwlogistieke problemen en tijdige afname van commercieel vastgoed, hebben veel vertragingen te maken met de coronacrisis. Dat zou pas echt erg zijn als er projecten werden stopgezet, maar dat is niet zo. Een aantal marktpartijen heeft gevraagd later te mogen starten. We zijn daarin coulant geweest naar ontwikkelaars, door een verlenging van termijnen toe te staan. Dus daar verwachten we dit jaar ook wel wat van."
 

De terugvallende productie van middeldure huurwoningen kan toch niet los worden gezien van het slepende conflict met de institutionele beleggers in 2019 over de stapeling van voorwaarden waaronder gebouwd moest worden, waaronder permanente huurbegrenzing? 

"Er is in 2019 bij de projectontwikkeling ongetwijfeld wel even gepauzeerd bij partijen met een grondpositie in afwachting van de nieuwe spelregels. Maar ik wijs er op dat alle tenders in 2019 zijn geslaagd, op een complexe locatie na. In januari 2020 heb ik met de beleggers een intentieovereenkomst gesloten waarin ze toezeggen 10.000 middeldure huurwoningen te gaan bouwen. De partijen geven ook aan nog steeds vertrouwen te hebben in het middensegment. Dus wat er dit jaar minder in aanbouw is genomen, moet de komende jaren worden ingehaald. Daarom praten we ook altijd over gemiddelden per jaar."
 
Niettemin vond u het nodig om een 'doorbraakteam' op te richten om sneller tot bouwen te komen. Waarom is dat? En speelt dat team een vergelijkbare rol als de vroegere woningbouwregisseur Arthur Verdellen?
"Niet helemaal. Het is nu geen apart orgaan. De directeur G&O is voorzitter van een team waarin ook  vertegenwoordigers van marktpartijen en corporaties zitten. Waarom nodig? We zien al jaren dat met name de geplande aantallen sociale huur en middeldure huur niet worden gehaald. We willen sneller op hoger niveau vaststellen waar iets op vastzit, zodat kan worden ingegrepen: wie moet een veer laten? Wie een tandje bijzetten? Moet een regel worden aangepast omdat het financieel niet meer uit kan? We willen dat de partijen die aan de knoppen zitten gelijk kunnen handelen."
 
Er is nu een tender uitgeschreven voor de Brediuslocatie met 80 procent middenhuur en een nieuwe voorwaarde: de ontwikkelaar moet een verhuurder meebrengen die zich langdurig verbindt aan het project. Is dat om de positie van beleggers te versterken?
“Een tender als deze maakt ook deel uit van de intentieovereenkomst die we met ontwikkelaars en beleggers hebben gesloten. Omdat de gemeente eist dat woningen minimaal 25 jaar worden verhuurd in het middensegment, is het belangrijk dat we in een vroeg stadium weten wie de belegger wordt die gaat verhuren, zodat de gemeente specifieke aspecten die de belegger aangaan mee kan laten wegen bij de uiteindelijke beoordeling van het plan. Dat gaan we nu dus doen bij de Brediuslocatie. Het maakt daarbij niet uit of het een institutionele belegger, een gewone belegger of een woningbouwcorporatie is."

Planvoorraad

De collegedoelstelling is gemiddeld jaarlijks minimaal 1.670 middeldure huurwoningen en 2.500 sociale corporatiewoningen te bouwen. Bij het bekendmaken van de jaarcijfers toonde u zich optimistisch over 2021. Waar is dat optimisme op gebaseerd?
"Allereerst, corona is niet weg en je weet natuurlijk nooit met wat voor crisis je nu weer wordt geconfronteerd. Maar afgezien daarvan. Je ziet dat de corporaties hun nieuwbouwpoten weer op orde hebben. Hun productie is fors toegenomen. Ze haalden vorig jaar bijna de 2.500 woningen (2.270, nvdr). En ze hebben de komende jaren nog het geld om door te bouwen. Wat betreft middeldure huur staan er voor dit jaar bijna 4.000 woningen in de planvoorraad. Het moet ons toch lukken daarvan een fors deel in aanbouw te nemen."
 
Over planvoorraad gesproken: voor corporatiewoningen houdt die niet over de komende jaren. Rekening houdend met de broodnodige overprogrammering zijn er te weinig locaties. 
"Dat klopt. Dat is nog niet op orde. We zijn druk aan het puzzelen om meer locaties te vinden, hierbij kijken we ook nadrukkelijk naar plekken waar corporaties nu al bezit hebben en waar wellicht meer woningen bij kunnen komen. En we proberen corporaties aan boord te krijgen in de transformatiegebieden.”" 

Pleisters plakken

Hoe beoordeelt u de ontwikkeling van het landelijk beleid. Vier jaar geleden was er geen minister, geen agenda en geen geld. Inmiddels zijn er regionale Woondeals en weer fondsen voor wijkaanpak en nieuwbouw zoals de Woningbouwimpuls.
"Het is toch vooral pleisters plakken. Het is goed dat er nu eindelijk landelijke aandacht is voor het probleem van de woningnood en de betaalbaarheid van het wonen. In de landelijke context heeft het neoliberale VVD-beleid - niets doen en betaalbare woningvoorraad afbouwen - zijn langste tijd gehad. De meeste politieke partijen willen af van de verhuurderheffing. Er komt een nieuw kabinet. Het zou zomaar een mooi jaar kunnen worden voor de volkshuisvesting."

Trefwoorden: