Tolerantie als selectiecriterium

LIFE: samen zelfstandig ouder worden
Tolerantie als selectiecriterium

Niet uitgaan van het gebouw, maar van de leefgemeenschap die er wordt gevormd. Dat is de basis van het ouderenhuisvestingsproject LIFE in de Amsterdamse Houthavens. Met tolerantie voor andere leefstijlen en respect en oog voor elkaar. Voor de 39 sociale huurwoningen meldden zich zo’n vijfhonderd kandidaten, terwijl voor de vrijesectorhuur de kandidaten binnendruppelen.

 

LIFE 39
  • 39 sociale huurwoningen 53-75 m2, €698 - €721.
  • Inschrijving bij WoningNet is noodzakelijk; selectie op motivatie is mogelijk door experimentstatus
  • 59 woningen in de vrije sector, 64 - 86 m2, €1.435 - €1.875
  • 23 koopwoningen
  • Studio’s van zorginstelling Cordaan
  • Buurtkamer van Cordaan
  • Gezondheidscentrum LIFE heeft een ‘technisch en sociaal beheerder’ die bijvoorbeeld uitleg geeft over het verwarmingssysteem.

 

Veel deuren naar de straat staan open en monteurs lopen in en uit. Het is begin februari en overal is het geluid van schuur- en boormachines te horen. Ook de gracht moet nog gegraven. In februari nemen de meeste bewoners hun intrek in het gedeelte met sociale huurwoningen in woonproject voor 60-plussers LIFE. De sfeer is verwachtingsvol.
Ouderenhuisvester Habion en pensioenbelegger Bouwinvest zijn met LIFE aan het pionieren met een voor hen nieuw concept van ouderenhuisvesting. Waar ze voorheen een gebouw neerzetten en daar bewoners bij zochten, hebben ze nu - ruim voor het gebouw af was - toekomstige bewoners geworven die samen een ‘community’ willen vormen. Een gemeenschap waarin bewoners naar elkaar omzien en bereid zijn dingen voor elkaar te doen, een klusje of een boodschap.
Sinds de scheiding van wonen en zorg is het immers de bedoeling dat mensen zo lang mogelijk zelfstandig blijven wonen. Dat kan alleen in een omgeving waar mensen oog hebben voor elkaar, waar bewoners niet vereenzaamd hoeven aanmodderen met kleine of grotere ongemakken.

 

Twee bewoners van LIFE met uitzicht op de binnentuin

LHBT’ers

Nieuw bij LIFE is de expliciete voorwaarde dat bewoners tolerant zijn tegenover culturele minderheden en LHBT’ers. Dat was een van de vele eisen die de gemeente stelde in de tender. Habion en Bouwinvest onderschrijven de eis volmondig. “Naarmate je ouder wordt, neemt de intolerantie toe”, zegt Erwin Drenth, directeur Dutch Healthcare bij Bouwinvest. “Pestgedrag kan toenemen en ouderen voelen zich dan niet meer veilig te zijn wie ze zijn.” Habion-directeur Peter Boerenfijn: “Het doel is om samen oud te worden zonder in de handen van de instituties te vallen, en daar hoort die tolerantie wel bij.”
Habion werd na een mislukte tender alsnog voor het project gevraagd. “We hebben er lang over nagedacht, want de investering was best fors”, vertelt Boerenfijn. Uiteindelijk kwam de corporatie tot de slotsom dat dit de geëigende plek was voor ouderenhuisvesting, omdat Cordaan ook in het gebouw zit met zorgstudio’s voor mensen met dementie en omdat de zorginstelling een gemeenschappelijke ruimte wil delen.

Motivatiebrief

De selectie van bewoners gebeurt aan de hand van motivatiebrieven en gesprekken, eerst alleen gevoerd door Habion, nu door een selectiecommissie waarin ook toekomstige bewoners zitten. Verder kwamen de bewoners afgelopen jaar iedere maand bij elkaar. “Dan leer je elkaar wel goed kennen”, aldus Boerenfijn.
Overigens wordt bij de selectie niet gevraagd of iemand LHBT’er is; dat mag ook niet. De corporatie kan ook niet zeggen of er LHBT’ers wonen.
Habion heeft zich wel verkeken op de hoeveelheid werk die de afhandeling van de ongeveer vijfhonderd aanmeldingen kostte. “Veel mensen hadden niet goed gekeken naar de inkomenscriteria voor passend toewijzen en kwamen niet in aanmerking”, aldus Boerenfijn.

Woongroepen

Anderhalf jaar geleden riep Habion nog expliciet woongroepen op om het complex te komen vullen, maar er meldden zich louter afzonderlijke personen of stellen. “Het is nu één grote groep met dezelfde drijfveren”, zegt Boerenfijn. Voor Bouwinvest zijn woongroepen geen optie: “Het is niet haalbaar voor een woongroep om een nieuwe bewoner te zoeken die aan de inkomenscriteria voldoet. En als groep moet je ook niet de verplichting tot het betalen van de totale huur bij leegstand aangaan. Dat is een te groot risico.”
Sociale en vrijesectorhuurders wonen in portieken gescheiden van elkaar, maar Boerenfijn en Drenth zijn niet bang dat er verschillende gemeenschappen ontstaan. “Daar maak ik me niet zo’n zorgen om’’, zegt Boerenfijn. “We zijn al een jaar of zeven, acht bezig met dit concept op meerdere locaties. We zien dat het werkt en dat er een uitstraling naar de buurt ontstaat.” Voor Bouwinvest is deze samenwerking met een corporatie nieuw. Drenth: “Bouwinvest gelooft erg in leefstijlscenario’s, niet zozeer in sociaal-economische doorsnijdingen. Dan is inkomen en in wat voor huurwoning je woont veel minder relevant.” En er zit ook een zakelijke kant aan, voegt hij er lachend aan toe. Samenwerking met een corporatie zorgt voor een grotere schaal, waardoor er meer voorzieningen mogelijk zijn.

Modelwoning

Terwijl de 39 Habion-appartementen half februari bijna allemaal gevuld zijn, loopt het vooralsnog minder storm voor de 59 woningen van Bouwinvest, waarvan half februari een derde een bewoner heeft gevonden. Drenth heeft er vertrouwen in dat het goed komt. De huurprijzen zijn weliswaar voor lang niet iedereen weggelegd (vanaf €1.395, gemiddeld zo’n € 1.700), maar voor deze plek in Amsterdam niet buitensporig. “Het helpt natuurlijk enorm als je het aangekleed ziet. Sinds we een modelwoning hebben geopend zien we de belangstelling toenemen.”

 

‘Een sympathiek concept’
Suzan de Wilde (69) behoorde in maart vorig jaar tot de eersten die door Habion werden geselecteerd voor een woning in LIFE. Ze bewoonde een etage op het Begijnhof en wilde er aanvankelijk niets over horen toen familie haar tipte over dit project. Maar gaandeweg veranderde dat. “Hier is meer comfort, een ruimere flat met balkon. En het is natuurlijk een sympathiek concept. Een goede buur wil ik graag zijn.” Daarbij woont haar dochter in de buurt en was ze al een aantal jaren vrijwilligster in de bibliotheek van een naastgelegen basisschool. 
Op bijeenkomsten met haar toekomstige buren zijn een bewonersvereniging en verschillende werkgroepen gevormd. En er is gesproken over praktische zaken, een huishoudelijk reglement en het mogelijke gebruik van de gemeenschappelijke ruimte in het deel van Cordaan. Een leesclub lijkt De Wilde wel wat. Misschien pakt ze met buren het zwemmen wel weer op.
Nu maakt ze zelf deel uit van de selectiecommissie die nieuwe bewoners uitkiest. Het is best lastig om daarover te beslissen, erkent De Wilde. Half februari moesten nog drie woningen worden gevuld.
De meeste bewoners komen uit Amsterdam en de regio, vertelt De Wilde. Velen komen dichter bij hun kinderen wonen. “De meesten werkten of werken in het onderwijs, de zorg en de creatieve sector”, vertelt De Wilde, die zelf literair vertaalster is. “Wel jammer dat zich weinig mensen uit etnische minderheden hebben aangemeld.”

 

ZIE OOK:

Het maartnummer van NUL20 bevat een thema over collectieve woonvormen voor senioren: