Bijlmer: zorgenkind wordt middenmotor

Bijlmer: zorgenkind wordt middenmotor

De Bijlmermeer, begin jaren negentig het zorgenkind van de stad, kun je nauwelijks meer een achterstandsgebied noemen. Niet tenminste als je afgaat op de uitkomsten van de zogenoemde Bijlmer Monitor. Zo ligt de tevredenheid over de sociale kwaliteit boven het Amsterdams gemiddelde en klagen Bijlmerbewoners minder dan de gemiddelde Amsterdammer over de verloedering in de buurt. Ook op het gebied van verkeersveiligheid en onderwijs scoort de Bijlmer gelijk of hoger dan gemiddeld. Indicaties voor de gestegen populariteit zijn verder dat bewoners inmiddels minder snel hun biezen pakken, dat het aantal respondenten op vrijkomende woningen stijgt en de woonduur gestaag toeneemt (maar nog wel onder het stedelijk gemiddelde ligt). En niet onbelangrijk: de beeldvorming over de Bijlmer wordt minder negatief.

Het onderzoek voor de Bijlmer Monitor wordt sinds 1997 jaarlijks uitgevoerd. Er worden zowel statistische als enquêtegegevens gebruikt. Sinds 2002 kan er voor het eerst onderscheid worden gemaakt tussen vernieuwde gebieden (zowel nieuwbouw als renovatie) en nog te vernieuwen gebied. De vernieuwers kunnen opgelucht adem halen: de vernieuwde gebieden scoren beter.

Rapportcijfer Woon- en leefklimaat in eigen buurt

Bewoners van de nieuwbouw geven in 2002 een wat hoger rapporcijfer voor het woon- en leefklimaat dan de overige bewoners. Bijlmerbewoners oordelen in 2002 positiever over hun buurt dan in 1997, maar het cijfer ligt nog wel onder het het stedelijk gemiddelde (van 1999; vanaf 2000 is geen vergelijking met de hele stad meer mogelijk, omdat de stedelijke Leefbaarheidsmonitor sindsdien van een andere vragenlijst gebruik maakt).
Bron: bewonersenquêtes; Bijlmer Monitor 2002, DSP-Groep.

Met de drugsoverlast en onveiligheidsgevoelens gaat het ondertussen niet goed. De Bijlmer Monitor rapporteert dat de overlast weliswaar niet toeneemt, maar daarmee ook niet afneemt. Bijna de helft van de bewoners zegt er last van te hebben. Dat is driemaal zo hoog als het stedelijk gemiddelde. Door de sloop van flatgebouwen en parkeergarages is het drugsprobleem zichtbaarder geworden, waardoor de gevoelens van onveiligheid zijn toegenomen.

Komt drugsoverlast vaak voor? ( in%)

De drugsoverlast is sinds 1997 niet afgenomen en ligt op een veel hoger niveau dan in de stad. Opvallend is dat bewoners in het vernieuwde gedeelte vaker aangeven overlast te hebben dan de overige Bijlmerbewoners.
Bron: bewonersenquêtes; Bijlmer Monitor 2002, DSP-Groep.

Het stadsdeel heeft de aanpak van de drugs- en onveiligheidsproblematiek inmiddels tot topprioriteit verklaard. Het zit stadsdeelvoorzitter Elvira Sweet sindsdien niet mee: de nieuwe regering moet niets hebben van gecontroleerde heroïneverstrekking, op afkickprogramma’s wordt gekort en de opening van een derde gebruikersruimte ontmoet veel tegenstand.

Bijlmer: zorgenkind wordt middenmotor

De Bijlmermeer, begin jaren negentig het zorgenkind van de stad, kun je nauwelijks meer een achterstandsgebied noemen. Niet tenminste als je afgaat op de uitkomsten van de zogenoemde Bijlmer Monitor. Zo ligt de tevredenheid over de sociale kwaliteit boven het Amsterdams gemiddelde en klagen Bijlmerbewoners minder dan de gemiddelde Amsterdammer over de verloedering in de buurt. Ook op het gebied van verkeersveiligheid en onderwijs scoort de Bijlmer gelijk of hoger dan gemiddeld." data-share-imageurl="">