‘Unieke participatie’ en toch weer beroepsprocedures
Bestemming Klaprozenbuurt

Participatie 2.0 of toch niet helemaal? De omwonenden van de Klaprozenweg hadden zeker een flinke vinger in de pap bij de planvorming voor een nieuwe wijk in hun achtertuin. Drie architecten uit de buurt maakten een eigen schetsontwerp dat diende als basis voor het stedenbouwkundig plan. De gemeente spreekt van ‘een unieke samenwerking’. Maar toch ligt er weer een beroep tegen het bestemmingsplan bij de Raad van State.

Artist Impressie van Klaprozenbuurt van B+B, BETA office, space&matter
 
Een bedrijventerrein aan de Klaprozenweg in Amsterdam Noord moet over vijftien jaar zijn getransformeerd tot een moderne stadswijk met een mix van ruim tweeduizend woningen, voorzieningen en bedrijven. Sinds eind 2018 waren omwonenden van de Klaprozenweg intensief betrokken bij het ontwerp van die nieuwe woonwijk. Er werd tijdens het participatietraject druk gediscussieerd en getekend en er werden zelfs workshops gevolgd. Begin dit jaar werd het inspraaktraject afgesloten na goedkeuring van de Investeringsnota Klaprozenbuurt door de gemeenteraad. Enthousiasme alom. In de gemeenteraad werd het gevolgde participatieproces in de Klaprozenbuurt als voorbeeld genoemd voor toekomstige gebiedsontwikkeling. En volgens Het Parool zou de gemeente het ontwerp van een hele wijk hebben overgelaten aan de bewoners zelf. Zo zit het toch niet helemaal. En zelfs de inderdaad intensieve inbreng van bewoners heeft beroepsprocedures niet voorkomen. De woonbootbewoners van Zijkanaal I zijn niet tevreden.

Dijkwoningen geschrapt

Initiatiefgroep De Groene Draak, bestaande uit bewoners van Zijkanaal I en het belendende wijkje Buiksloterbreek, diende al in het eerste jaar van het participatietraject een 81 pagina’s tellende eigen visie in als alternatief voor het concept stedenbouwkundig plan van de gemeente. Naar het idee van de buurtbewoners moet de nieuwe wijk integreren met al bestaande buurten en zo ‘een groene, sociale en ongedeelde wijk vormen waar iedereen zich thuis voelt’.
Jeroen Snel, bewoner van de Buiksloterbreek omschrijft het eerste participatiejaar als ‘pittig en chaotisch’. “Het was een soort achtbaan waar we in terecht kwamen. Er waren nogal wat aspecten in het oorspronkelijke plan van de gemeente die op grote tegenstand uit de buurt stuitten. We stonden kortom op veel onderdelen lijnrecht tegenover elkaar. Zo lag er een plan om in het gebied honderd dijkwoningen te bouwen. Die zouden als een soort Berlijnse Muur de Buiksloterbreek afsluiten. Dat is een van de gemeentelijke plannen die door onze tegenstand zijn gesneuveld.” 
“Bijzonder jammer,” vindt Bas van Rossum van het Projectmanagementbureau van de gemeente nog altijd. “Die dijkwoningen waren aan het plan toegevoegd uit cultuurhistorisch oogpunt en voor ons de kers op de taart. Maar de bewoners van de Buiksloterbreek hadden wel een punt. En toen we voorstelden om twintig dijkwoningen aan de zuidkant van het plangebied te realiseren, klommen de bewoners uit de Marjoleinbuurt weer op de barricaden. Het hele proces was op zijn zachtst gezegd hobbelig maar is het uiteindelijke resultaat zeker waard. Dat geldt zowel voor de meeste bewoners als de gemeente.’’ 
 
Zo ziet de Klaprozenbuurt er nu uit

Verlies van privacy en parkeerplaatsen

In augustus 2019 dienden bewoners van Zijkanaal I, Buiksloterham en Buiksloterbreek al een bezwaarschrift in tegen de wijze waarop het participatietraject in eerste instantie verliep. De stedenbouwkundige schets waaraan de bewoners druk hadden meegewerkt, werd in maart 2019 gepresenteerd. Een prima schetsontwerp volgens de omwonenden, waarin iedereen zich kon vinden. Volgens de bezwaarmakers zijn daarna echter cruciale wijzigingen aangebracht door de gemeente die geen recht deden aan de wensen en eisen van de bewoners. Een deel van die wijzigingen is in het verdere verloop van het proces overigens weer in het voordeel van de bezwaarmakers teruggedraaid.
Maar voor de bewoners van de woonboothaven aan Zijkanaal I zijn bepaalde aspecten van het plan nog steeds onvoldoende door de gemeente uitgewerkt en zijn bezwaren niet serieus genomen. Een doorn in het oog is bijvoorbeeld de komst van een restaurant met honderdvijftig zitplaatsen op de plek die nu nog de parkeerplaats is van de bootbewoners. Die wordt in de huidige plannen opgeheven. Onduidelijk is overigens nog hoe een en ander uiteindelijk uitgewerkt gaat worden.
De aanleg van een insteekhaven om meer zicht op het water te creëren voor de nieuwe bewoners, werd wel met succes bestreden. In het gemeentelijke plan moesten zes woonboten worden verplaatst. Woonbootbewoner Saskia van den Heuvel: “Het gevolg daarvan zou zijn dat die bewoners al hun privacy kwijtraakten. Het oude plan voorzag zelfs in een openbare zwemplek met een grote steiger tussen de woonboten met alle overlast van dien. Dat zorgde voor heel veel emotie en slapeloze nachten. Bij woningen op de wal zouden ze nooit voorstellen om die maar even te verplaatsen.”
Een van de bootbewoners besloot uiteindelijk om zijn woonark en ligplaats aan de gemeente te koop aan te bieden, waardoor er – zij het in beperkte mate – toch een doorgang naar het water ontstaat. Die koop is overigens nog niet gesloten.
Van den Heuvel: “Wat het meest stak tijdens de hele procesvoering, was dat afspraken keer op keer werden geschonden door de gemeente. Er werd steeds beloofd dat er niets zou gebeuren waar wij niet achter staan, maar dat bleek een wassen neus. Zo bleef de bouwdichtheid van de nieuwe wijk gedurende het proces steeds verder stijgen. En de onderwerpen die voor ons belangrijk zijn, werden niet behandeld, omdat daar geen tijd voor was. Denk daarbij aan de komst van dat grote restaurant, de toegang tot de woonboothaven en de hele parkeersituatie. Het is echt treurig dat we na twee jaar participeren toch in beroep moesten gaan tegen het bestemmingsplan.” 

Schetsontwerp van drie architecten

De bewoners van de zelfbouwwijk aan de zuidkant van de Klaprozenweg raakten uiteindelijk ook betrokken bij de planvorming. Architect Auguste Oppen van bureau BETA en bewoner van een zelfbouwkavel: “Ik heb de visie van De Groene Draak zorgvuldig onder de loep genomen. Daarin was de meeste verdichting en hoogbouw richting onze wijk opgeschoven. Dat was geen opzet maar had meer te maken met de geringe ervaring van de opstellers op het gebied van ruimtelijke ordening. Ik heb vervolgens samen met een collega en buurman een nieuw schetsontwerp gemaakt en dat in eerste instantie aan onze buren voorgelegd. We bleken op een lijn te zitten. Vervolgens bleek ook het gemeentelijk Projectbureau enthousiast. De gemeente gaf mij en twee andere architecten uit onze wijk opdracht om een alternatief stedenbouwkundig plan op te stellen.’’ Daarbij werden alle omwonenden uit de verschillende buurten betrokken volgens Oppen.
Dat de drie architecten – zelf immers buurtbewoner – door de gemeente betaald werden voor hun diensten, viel niet bij iedereen in goede aarde. Oppen: “Dat kan op zich wel wringen, want het gaat uiteindelijk ook om ons eigen belang als bewoners. Ik heb me dan ook teruggetrokken als initiatiefnemer en we hebben uiteindelijk formeel voor de gemeente en informeel in opdracht van de andere omwonenden gewerkt.”
Volgens ambtenaar Bas van Rossum is in sommige media ten onrechte de indruk gewekt dat de bewoners verantwoordelijk waren voor het definitieve stedenbouwkundig plan. “Er is zeker sprake geweest van een intensieve en unieke samenwerking met omwonenden, maar het was onze eigen stedenbouwkundige dienst die uiteindelijk het plan uitwerkte zoals dat er nu ligt.”