'Meer sturen op toewijzing'

Buurten overbelast door toestroom kwetsbare bewoners
'Meer sturen op toewijzing'

Buurten met veel sociale huur raken overbelast door de toestroom van kwetsbare bewoners. Ook in Amsterdam. Eigen Haard en Stadgenoot toonden zich tijdens een gezamenlijke ‘stakeholdersdialoog’ vorige maand voorstander van beïnvloeding van de instroom en van gevarieerde wijken. "Niet meer dan 65 procent sociale woningbouw."

Aedes heeft vorig jaar landelijk onderzoek gedaan naar de veerkracht in het corporatiebezit. Met een duidelijke conclusie. Met name buurten met veel corporatiebezit dreigen door de sterke instroom van kwetsbare bewoners overbelast te raken. Volgens Jeroen Frissen, één van de onderzoekers, worden de verschillen tussen buurten groter. “In ons land neemt de segregatie eerder toe dan af. In buurten die voor tweederde of meer uit sociale huurwoningen bestaan, neemt het aandeel kwetsbaren fors toe. In buurten waar het percentage sociale huur relatief laag is, neemt dit aandeel een beetje af.”
Op verzoek van Eigen Haard en Stadgenoot heeft Frissen specifiek naar de ontwikkeling van buurten in de MRA gekeken. “In Amsterdam wonen relatief veel kwetsbare bewoners. En het aandeel kwetsbaren in de sociale huur neemt ook hier toe. Maar de concentratie in specifieke buurten is minder groot. Dat komt vooral doordat sociale huurwoningen, anders dan bijvoorbeeld in Utrecht, relatief goed over de stad zijn verspreid.”
Volgens hem geldt dat alleen niet voor alle buurten. Uit zijn analyses blijkt dat bijvoorbeeld in delen van Noord (Nieuwendam), Zuidoost (Holendrecht en Bijlmer-Centrum) en Nieuw-West (Wildemanbuurt) sprake is van een toename van kwetsbare bewoners en een afname van de leefbaarheid. “We zien buurten waar in toenemende mate sprake is van overlast. Buurten ook waar kwetsbare bewoners wel in grote getale instromen, maar niet vertrekken. De stad als geheel ontwikkelt zich positief, maar buurten met veel licht verstandelijk beperkte bewoners lijken resistent te zijn tegen deze positieve ontwikkelingen.”

Rotterdamwet

Wat staat Amsterdam te doen? Volgens Evelien Tonkens, hoogleraar burgerschap en humanisering van de publieke sector aan de Universiteit voor de Humanistiek, kan geen enkele buurt zo’n sterke concentratie van problemen verdragen. Gemeenten en corporaties moeten werken aan verdunning. Bestuurder Bert Halm van Eigen Haard is voorstander van een structurele verlaging van het aandeel sociale huur. “Die buurten moeten voor niet meer dan 65 procent bestaan uit sociale woningbouw”, aldus Halm.
Ook wordt gedacht aan beïnvloeding van de instroom van kwetsbare bewoners. Zaanstad heeft voor de wijk Poelenburg eerder een beroep gedaan op de zogeheten ‘Rotterdamwet’. Mensen met inkomen uit arbeid en een startkwalificatie krijgen in Poelenburg voorrang op een woning. Daarnaast kan worden gedacht aan toewijzing van woningen aan mensen die specifiek wat willen bijdragen aan een buurt. “Via prestatieafspraken met de gemeente moet het mogelijk worden in een aantal buurten de instroom te beperken”, zo zegt bestuurder Marien de Langen van Stadgenoot. Dat aantal moet volgens hem wel beperkt blijven. “Er is altijd verzet tegen een dergelijke maatregel. Ook moet rekening worden gehouden met een ‘waterbed-effect’: andere buurten moeten dan meer kwetsbare mensen opvangen.”

Ondersteuning dichtbij

Tijdens de stakeholdersdialoog toonde De Langen zich ook ontvankelijk voor de oproep van Tonkens om de afstand van bijvoorbeeld corporaties tot de bewoners te verkleinen. Volgens haar voelen veel mensen in achterstandswijken zich ‘onbeschermd, onveilig, onmachtig en overbodig’. “Publieke organisaties houden te grote afstand tot de bewoners van dergelijke wijken. Buurtbewoners met een verstandelijke beperking willen geen digitaal loket, maar een ontmoeting met echte mensen.” Ook is Tonkens ervan overtuigd dat er in die buurten nog steeds mensen wonen die zich willen inzetten voor hun eigen buurt. Maar zij moeten dan wel kunnen rekenen op een ‘professionele achtervang’. Wijkagenten, welzijnswerkers, wijkbeheerders en huismeesters van woningcorporaties. De Langen erkent dat ook zijn corporatie zich bij de digitalisering van de dienstverlening uit veel buurten heeft teruggetrokken. “In een aantal buurten moet Stadgenoot weer zichtbaar worden”, aldus de bestuursvoorzitter.

RIGO onderzocht in opdracht van branchevereniging Aedes het effect van de instroom van kwetsbare huurders op de leefbaarheid in wijken. Het eindrapport Veerkracht in het Corporatiebezit is te downloaden vanaf de site van Aedes.

Deel