Duurzame waterwoning is hightech

Schoonschip
Duurzame waterwoning is hightech

Op een bouwplaats in Zaandam, vlakbij het Noordzeekanaal, staan dertien waterwoningen op de wal. Ze verkeren in diverse stadia van afwerking. De woningen hebben stuk voor stuk een flinke afmeting en de betonnen drijfbakken zijn soms meer dan drie meter hoog. Deze waterwoningen zijn bestemd voor 23 huishoudens van Schoonschip.

 

Het merendeel van de drijvende woningen die hier worden gebouwd, wordt dubbel en in één geval zelfs driedubbel bewoond.
Bart van Selm is projectmanager bij Dutch Lotus, een advies- en projectmanagementbureau dat ‘bouwprojecten van grote omvang en complexiteit’ begeleidt. Dat predicaat is zeker van toepassing op project Schoonschip vertelt Van Selm. Hij begeleidt de bouw sinds drie jaar in nauwe samenwerking met het Veluws bouwbedrijf Van Middendorp. Deze aannemer heeft veel expertise op het gebied van particulier opdrachtgeverschap. Van Selm: “En Dutch Lotus heeft specifieke kennis van drijvend wonen. Op die manier hebben we alle benodigde expertise samengebundeld.”
Pas na twee jaar voorbereiding werd begonnen met de daadwerkelijke bouw. “Het hele project is opgezet vanuit een behoorlijk zwaar eisenpakket op gebied van duurzaamheid. Eisen die ver uitsteken boven die van het Bouwbesluit. Dat is deels door de bewoners individueel bepaald maar voor een groot deel ook vastgelegd in de menukaart van de tender. Aan dat ambitieniveau moet de bouw minimaal voldoen. In de praktijk krijg je dan te maken met een spanningsveld tussen die hoge eisen en hoe je dat in de praktijk in oplossingen moet vertalen.”
De toekomstige woonwijk wordt uitgerust met onder meer vijfhonderd zonnepanelen waarmee energie wordt opgewekt die over totaal 46 huishoudens wordt verdeeld via een eigen stroomnet: een smart grid. Bovendien komen er gescheiden afvoersystemen voor ‘zwart’ en ‘grijs’ water.
Van Selm vertelt dat het veelal om nieuwe technologische snufjes gaat, zoals die toepassing van een smart grid, een geavanceerd systeem om energie slim te gebruiken en op te slaan en waar alle waterwoningen op worden aangesloten. “Je krijgt te maken met toepassingen die je nog niet vaak in de praktijk tegenkomt. Voor het systeem heb je accu’s nodig die moeten worden ingebouwd. En om het ‘zwarte water’ gescheiden te kunnen afvoeren worden alle woningen voorzien van een vacuüm toilet. Ook hebben enkele woningen een douche waarin het water tijdens het gebruik wordt gerecycled. Om al die toepassingen goed samen te laten werken moet het leidingwerk precies op elkaar worden afgestemd. Iedere waterwoning heeft in het ruim een soort machinekamer met hightech apparatuur.”

Isolatie met strobalen

Dat de bouw pas na twee jaar kon worden gestart, heeft volgens Van Selm te maken met alle procedures die door Schoonschip gevolgd moesten worden en met de intensieve voorbesprekingen met bewoners en architecten. “Het lastige is dat je te maken hebt met particuliere opdrachtgevers die allemaal hun eigen wensen hebben. Bovendien waren er zes verschillende architecten betrokken bij het ontwerp van de dertien woningen. Wij maken de werktekeningen en die moet je vervolgens met alle partijen afstemmen. Dat kost verschrikkelijk veel tijd. En alle beslissingen moeten op het juiste moment worden genomen anders loopt het proces vast.”
Het isoleren met strobalen zoals dat bij twee van de waterwoningen is gebeurd, was een primeur voor Van Selm: “De verwerking daarvan is heel anders dan van houtvezelisolatie. Die strobalen moet je stuk voor stuk op lengte zagen. Je creëert met een dergelijke isolatie een heel behaaglijk binnenklimaat. We hebben één boot zelf geïsoleerd met stro en voor een andere zijn de wanden prefab aangeleverd uit België. Die kunnen we zo plaatsen.”
In april moeten de dertien waterwoningen klaar zijn. Daarna worden ze op drijvende bokken gehesen waarmee ze over het Noordzeekanaal en het IJ naar het Johan van Hasseltkanaal worden gesleept. “Ze gaan alle dertien tegelijkertijd die kant op. Dat is een gigantische logistieke operatie. De woningen komen eerst voor de Ridderspoorbrug te liggen en pas wanneer die omhoog is gehesen kunnen ze elk aan hun eigen steiger aan de andere kant van de brug worden gelegd.”
Aan Van Selm de vraag of hij nog eens een complex project als dit zou oppakken? “Jazeker, ik ben al weer met enkele andere projecten bezig maar daar stuur ik wel aan op het beter behapbaar en betaalbaar houden van het geheel. Dertien woningen bouwen in een jaar tijd met zoveel verschillende partners is eigenlijk ondoenlijk. Maar ik ben uiteindelijk wel heel trots op de klus die we hier aan het klaren zijn.”