OP STAP MET ... Linda van Altena, schuldhulpverlener bij Doras
'Nu komen ook taxichauffeurs en stewardessen in de problemen'

Tien jaar geleden werden in Amsterdam de eerste Vroeg Eropaf-teams opgezet. Doel: bij een betalingsachterstand direct ingrijpen om erger – bijvoorbeeld huisuitzetting – te voorkomen. Schuldhulpverlener Linda van Altena maakt vanaf het begin deel uit van Vroeg Eropaf bij Stichting Doras in Amsterdam-Noord. Hoewel Van Altena tijdens haar twaalfjarige loopbaan in Noord veel leed achter de voordeur zag, blijft ze optimistisch: “Ik geloof niet in uitzichtloze situaties. Er is altijd licht aan het einde van de tunnel.”

Linda van Altena, schuldhulpverlener bij Doras

 

Meldingen betalingsachter-standen bij Doras:
In 2018: 2.700
In 2020: 2.644
37% van zorgverzekeraars (vooral Zilveren Kruis)
25% van energieleveranciers
17% van woningcorporaties (melding na twee maanden betalingsachterstand)
----
In 2020 kreeg Vroeg Eropaf in Amsterdam in totaal 20.453 meldingen

Doras is een van de acht Amsterdamse organisaties voor maatschappelijke dienstverlening die zich gespecialiseerd hebben in schuldenproblematiek. Het afgelopen ‘covid-jaar’ hadden Van Altena en haar collega’s het extra druk. Niet doordat het aantal mensen met betalingsachterstand was opgelopen – dat aantal is ongeveer gelijk gebleven aan dat van 2019 – maar doordat meer mensen die via Vroeg Eropaf werden gemeld, reageerden op het hulpaanbod van de schuldhulpverleners.
Van Altena: “Misschien een beetje raar om te zeggen, maar wat dat betreft was 2020 het beste jaar ooit. Van de honderd meldingen bereik je normaal hooguit 65 mensen met een betalingsachterstand. Vorig jaar waren dat er rond de 85. Dat komt doordat veel meer mensen thuis zitten en dus beter bereikbaar zijn. Het aantal meldingen zelf is in 2020 dus niet gestegen. Ik vrees echter dat we komend jaar een negatiever beeld te zien krijgen. We zien nu al een andere doelgroep voorbij komen. Bijvoorbeeld taxichauffeurs en stewardessen. Die hadden vaak al leningen uitstaan maar die konden ze altijd wel aflossen. Als gevolg van het uitblijven van werk door de pandemie lukt dat  niet meer en ontstaan er betalingsachterstanden.”

Contact zoeken

Van Altena vertelt hoe een hulptraject via Vroeg Eropaf tot stand komt. “Na een betalingsachterstand van ongeveer twee maanden krijgen wij een melding van bijvoorbeeld een zorgverzekeraar,  woningcorporatie of energieleverancier. In eerste instantie sturen we die persoon een brief. Wanneer een reactie uitblijft, proberen we op andere manieren in contact te komen; we bellen op of sturen een e-mail of een sms’je. We halen dus alles uit de kast om contact te krijgen. We sturen nog net geen postduif.”
Wanneer het contact is gelegd wordt er, indien mogelijk, via videobellen gesproken over de vervolgstappen om te voorkomen dat de betalingsachterstand verder oploopt. Dat kan door bijvoorbeeld een betalingsregeling te treffen met de schuldeiser. “In deze tijd gaan we alleen in het uiterste geval fysiek bij iemand langs. Mensen kunnen wel een afspraak maken voor een bezoek aan het financieel spreekuur. Dat gebeurt natuurlijk allemaal coronaproof.”

Door covid meer begrip voor armoede

Dat op armoede en schulden vaak nog een flink taboe rust, zorgt er volgens Van Altena voor dat veel mensen pas aan de bel trekken wanneer het water hun al tot de lippen staat. Het project Samen Noord is een van de manieren om dat taboe te doorbreken. Om de hulpverlening laagdrempeliger te maken, zijn tientallen Noorderlingen getraind in het signaleren van armoedeproblemen en het  daarop aanspreken van mensen in hun omgeving.
Van Altena: “Het blijkt heel effectief wanneer een bekende uit de buurt een buurman of een moeder op het schoolplein aanspreekt wanneer er geldproblemen zijn. Mensen voelen zich veiliger en praten makkelijker over de zaken die thuis spelen dan wanneer ze zelf aan moeten kloppen bij een professional. Veel van deze buurtgenoten komen uiteindelijk bij Doras terecht. Er is overigens ook een positieve bijkomstigheid van covid: armoede is weer een stukje bespreekbaarder geworden, omdat dit probleem nu – helaas – veel meer mensen treft dan normaal. Daardoor wordt er in de media veel aandacht aan besteed en ontstaat er vanzelf meer begrip voor dit veelvoorkomende probleem.”

‘Vele thuiszitten zorgt voor massaal online shoppen’

De mensen die schulden hebben, zijn van diverse pluimage. Van Altena: “Het zijn echt niet alleen mensen met een bijstandsuitkering of een minimumloon die in de schulden raken. Ook mensen met een goed inkomen kunnen een behoorlijke schuldenlast opbouwen. Bijvoorbeeld wanneer een stel een woning huurt in de vrije sector en er valt een inkomen weg, iets wat de laatste tijd vaak gebeurt. Zo’n huur is dan niet meer op te brengen. Wij denken in alle gevallen mee bij het zoeken naar een adequate oplossing. Zo raden we mensen met een huurachterstand aan om bijvoorbeeld een kamer te verhuren als daar plek voor is. Ook kan er schuldsanering worden aangevraagd via de Gemeentelijke Kredietbank. En zo zijn er tal van regelingen die kunnen worden getroffen om te voorkomen dat mensen verder afglijden. Helaas zijn die niet altijd even inzichtelijk voor een leek.”

Zorgverzekeraar grootste schuldeiser

Belangrijkste schuldeisers zijn zorgverzekeraars, energieleveranciers en woningcorporaties. Maar de laatste tijd ziet Van Altena ook een ander exces ontstaan als gevolg van de coronacrisis. “Veel mensen zitten thuis en bijna alle winkels zijn gesloten. Gevolg is dat mensen massaal online gaan shoppen. En dat is natuurlijk ook heel aantrekkelijk, alleen beseffen mensen vaak niet dat ze al snel meer geld uitgeven dan ze zichzelf kunnen veroorloven. Vooral wanneer online shops krediet verstrekken onder  het mom: koop nu en betaal later. Ook zijn er warenhuizen die een virtuele tour organiseren langs hun aanbod. Dat maakt online shoppen nog aantrekkelijker. Helaas is de kans groot dat veel online shoppers, vaak ongemerkt, op deze manier een flinke schuld opbouwen.”
De onbetwiste nummer één schuldeiser is al jaren de zorgverzekeraar. Van Altena: “Al jaren blijkt dat veel mensen de hoge premies niet kunnen betalen. Het vervelendste is – en dat vind ik moeilijk uit te leggen – dat mensen die zes maanden hun premie niet hebben betaald ook nog een flinke boete krijgen opgelegd. Dat helpt natuurlijk niet bij het oplossen van de schuld. Er zijn echter manieren om een betalingsregeling te treffen waarbij zo’n boete vervalt. Maar de regels zijn zo complex dat maar weinig mensen daarvan op de hoogte zijn. Dat zou eenvoudiger kunnen.”

Rond de 1.700 Amsterdammers zijn slachtoffer van de toeslagenaffaire

Rond de 1.700 Amsterdammers zijn slachtoffer geworden van de recente kindertoeslagenaffaire. Ook in Noord zijn mensen ten onrechte als fraudeur bestempeld en zitten nu diep in de schulden. Van Altena: “Dat is een onverkwikkelijke toestand en we doen er alles aan om ook deze mensen te helpen. Om de lijntjes zo kort mogelijk te houden, is iemand van onze organisatie speciaal belast met die zaken. Diegene houdt contact met de gemeente en de belastingdienst en heeft inmiddels de benodigde expertise opgebouwd. Laten we hopen dat al die zaken op korte termijn correct worden afgehandeld.”