Overslaan en naar de inhoud gaan

De Jonge wil kleinschalige woningbouw buiten bebouwde kom makkelijker maken

Image

Kleine bouwprojecten tot vijftig woningen hoeven straks niet meer getoetst aan de Ladder voor duurzame verstedelijking. Zo wil demissionair minister De Jonge de bouw van ‘straatjes erbij’ aan de stads- en dorpsranden makkelijker maken. Ontwikkelaars en bouwers zijn daar groot voorstander van. Het Economisch instituut voor de Bouw (EIB) onderzocht eerder het potentieel van bouwen aan de randen van steden en dorpen. Bondig samengevat: met in elk dorp een ‘een straatje erbij’ kan de woningnood flink worden teruggedrongen.

De Jonge blijft in hoofdzaak inzetten op binnenstedelijke bouw, maar hij vindt het belangrijk om kleinschalige woningbouw in dorpen en kleinere kernen in alle regio’s toe te staan. "Daarmee zorgen we ervoor dat de vitaliteit en leefbaarheid van die kernen kan worden versterkt en kan worden aangesloten bij de specifieke vraag, bijvoorbeeld door woningen voor ouderen toe te voegen”, zegt hij in een Kamerbrief van 13 oktober.

De Ladder voor Duurzame Verstedelijking wordt vooral door private partijen als belemmering gezien voor woningbouwprojecten. De essentie van dit instrument is dat een gemeente die in het weiland wil bouwen, moet aantonen dat dit volkshuisvestelijk nodig is én dat het niet kan binnen bestaand stedelijk gebied. Deze toetsingsprocedure moet verrommeling van het platteland tegengaan, maar wordt door private partijen als belemmering ervaring die tot vertraging en extra kosten leidt. Zij wilden er liever helemaal van af. De Jonge komt met een compromis: de toetsing afschaffen voor kleine woningprojecten tot vijftig woningen.

Waar bouwers enthousiast reageren op het voorstel, is er ook kritiek. Anita Nijboer, advocaat omgevingsrecht bij SIX Advocaten, reageert bijvoorbeeld bij PONT | omgeving  kritisch. Ze vreest ‘salamitactieken’, waarbij projecten worden opgeknipt in blokken van vijftig woningen.