Overslaan en naar de inhoud gaan

Uitpondrecord: meer huurwoningen verkocht dan in decennium aangekocht

Image

Particuliere beleggers willen van hun huurwoningen af. De uitpondgolf denderde vorig jaar onverminderd door. De uitverkoop leidde in 2025 tot een mijlpaal: particuliere investeerders hebben bij elkaar opgeteld in de periode 2016-2025 meer woningen aan eigenaar‑bewoners verkocht dan dat ze in die periode van hen kochten. Dat meldt het Kadaster. Sinds 2022 verkochten particuliere investeerders elk kwartaal meer woningen aan eigenaar-bewoners dan dat zij van hen aankochten. Het saldo (vanaf 2016) zakte daardoor kwartaal na kwartaal en vanaf 2025 onder 0. In het vierde kwartaal van 2025 liep dit verschil op tot bijna -17.000 woningen.

De uitpondingsgolf leidde vorig jaar tot een record aantal transacties. Het Kadaster registreerde er in het 4e kwartaal maar liefst 67.200, het hoogste aantal ooit in één kwartaal. In het tweede, derde en vierde kwartaal werden in Amsterdam een recordaantal woningen te koop gezet: 2.763 woningen (+53%) en 2.554 (+31% tov een jaar eerder) en 2.413 (+22% tov jaar eerder). Er worden met name meer kleinere woningen te koop gezet en verkocht, zo melden makelaars en het Kadaster. Dit speelt vooral in de grote steden, maar overal in de MRA en heel Nederland stijgt het aanbod door uitponding. Het gat tussen woningverkopen en -aankopen door investeerders wordt steeds groter. In 2025 werden 65.000 woningen verkocht door investeerders. Makelaars verwachten dat deze verkoopgolf nog zeker tot medio 2026 aanhoudt, totdat de laatste tijdelijke huurcontracten aflopen.

 

Landelijk was in het vierde kwartaal van 2025 16 procent van de aankopen door eigenaar-bewoners een voormalige investeerderswoning, meer dan het dubbele vergeleken met begin 2021. In de vier grote steden lag dit een stuk hoger: bijna 28 procent van de woningen die eigenaar-bewoners in het vierde kwartaal van 2025 kochten was een voormalige investeerderswoning. In het eerste kwartaal van 2021 was dit nog 13 procent. Op 1 januari 2026 was 3,3 procent van de woningvoorraad in handen van particuliere investeerders, ongeveer 40.000 woningen minder dan twee jaar eerder (toen 3,9%). 

Nog minder doorstroming

De uitpondgolf is goed nieuws voor een nieuwe generatie woningkopers. Maar de terugloop van het aanbod aan huurwoningen maakt steden minder toegankelijk. Juist in die particuliere huursector zit veel doorstroming. Veel migranten uit binnen- en buitenland (waaronder arbeidsmigranten, studenten, kenniswerkers) starten in Amsterdam hun wooncarriëre in een particuliere huurwoning, al dan niet voor teveel geld en met een woningdeelconstructie. De particuliere huurwoning is vaak de eerste ankerplaats in de stad, het smeermiddel van de woningsector. In combinatie met een strikt woningdeelbeleid worden de mogelijkheden om de stad in te komen dus kleiner, althans voor degenen voor wie een koopwoning buiten bereik ligt of niet aantrekkelijk. In 2024 nam het aantal huurwoningen – inclusief nieuwbouw – met ruim duizend af. De afname in 2025 per gemeente heeft CBS nog niet bekend gemaakt. 

Organisaties als Vastgoedbelang willen maatregelen om het investeringsklimaat te verbeteren. Of dat op korte termijn gaat gebeuren is de vraag. Er is wel aandacht voor in het nieuwe coalitieakkoord, maar niet meer dan een weinig concrete zin: "De financiële positie van corporaties en private verhuurders moet verbeteren om meer te kunnen bouwen." Ook is aangekondigd dat de belasting op het bezit van huurwoningen in Box 3 op termijn omlaag gaat en dat de belasting op de waardestijging pas wordt verrekend bij verkoop.

Fred van der Molen