Overslaan en naar de inhoud gaan
Top
Groningse CareX wil stap naar Amsterdam maken
“Geen leegstandbeheer maar huisvesting”

Een leegstandbeheerder wil het Groningse CareX zich niet laten noemen. Het bedrijf associeert zich met de traditionele corporatie. Na uitbreidingen in Friesland, Drenthe en Noord-Holland strijkt het bedrijf wellicht nog dit jaar ook in Amsterdam neer. “We merken dat er in Amsterdam behoefte is aan onze diensten.”

“Nee, daar hebben we niets mee te maken ”, antwoordt CareX-directeur Lenze Hofstee op de vraag of zijn bedrijf is aangesloten bij de vereniging van leegstandbeheerders VLBN. “Onze missie is om mensen en organisaties met weinig geld aan fatsoenlijk en betaalbaar onderdak te helpen. Het oorspronkelijke doel van de corporaties is het onze. We gaan op hetzelfde niveau om met bewoners als corporaties. Voor ons personeel zijn we aangesloten bij de cao en het pensioenfonds voor corporatiepersoneel.”
De keuze voor huisvesting als doel, in plaats van leegstandbeheer, zorgt ook voor een andere aanblik van de door CareX beheerde gebouwen, stelt Hofstee. “Een leegstandbeheerder zet een paar gebruikers in een pand en plakt er posters op. Maar verder gebeurt er meestal weinig in zo’n gebouw. Bij ons zie je geen verschil met het wel verhuurde gebouw ernaast. Het wordt net zo goed gebruikt.”
Een ander verschil met de meeste leegstandbeheerders is volgens Hofstee dat ook gezinnen met kinderen welkom zijn in de panden van CareX. “Bij ons staan die juist hoog op de wachtlijst.”
Om mensen en beginnende bedrijven te kunnen huisvesten, laat het Groningse bedrijf desnoods tussenwanden plaatsen in grotere ruimten. “Soms doen de gebruikers dat zelf. Maar bij zo’n investering moet je er wel zeker van zijn dat je zo’n gebouw voor langere tijd kunt gebruiken.” Aan de veiligheidseisen wordt voldaan, stelt Hofstee. “We beheren veel gebouwen en zijn erg voor hergebruik. Als er een brandmeldinginstallatie nodig is, dan hebben we die vaak op een plank liggen.”

Leegstandsverordening

Ex-kraker Hofstee startte begin jaren negentig in de stad Groningen met tijdelijke huisvesting.  Afgelopen jaren heeft het bedrijf zijn vleugels uitgeslagen en werd het ook actief in Friesland, Drenthe en Noord-Holland. Nog dit jaar hoopt CareX een eerste pand in Amsterdam in beheer te nemen. Ter verkenning voert Hofstee overleg met onder meer Bureau Broedplaatsen en Urban Resort.
“We hebben wat ijzers in het vuur, maar ik kan nog geen concreet project melden”, aldus Hofstee in augustus. “We merken dat er in Amsterdam behoefte is aan wat wij doen. Er is grote vraag naar betaalbare ruimte en er staan veel gebouwen kunstmatig leeg.”
CareX werkt vooral met wat Hofstee ‘natuurlijke samenwerkingspartners’ noemt: overheden, corporaties en organisaties in onder meer onderwijs en zorg. “Instellingen met een maatschappelijke opdracht. Bij commerciële partijen krijgen we er lastiger een vinger achter.” Maar mogelijk wordt dat in Amsterdam anders. De stad heeft anders dan Groningen en andere gemeenten een leegstandsverordening. Daarmee kunnen eigenaren onder druk worden gezet om hun gebouwen beschikbaar te stellen voor tijdelijk gebruik. En tijdelijk gebruik kan de verhuur bevorderen. Hofstee: “We zien regelmatig dat de verhuur wel gaat lopen nadat wij een pand hebben gevuld en weer uitstraling hebben gegeven”.
CareX beheert rond duizend adressen, variërend van appartementen tot grote panden, waarin een veelvoud aan mensen woont en werkt. De gebruikersvergoeding is gemiddeld 100 euro per contracthouder per maand.

Gemeentepanden

Bob de Vilder van Camelot Europa, de grootste leegstandbeheerder van Nederland, zegt respect te hebben voor CareX, maar betreurt het dat het bedrijf zich afzet tegen de VLBN. “CareX maakt ook winst. Wij behalen het grootste deel van onze omzet bij overheids-, zorg- en onderwijsinstellingen. Ook wij proberen zoveel mogelijk woon- en werkruimtes te creëren, zoals in de Overhoeks-toren. En we hebben plannen voor het tijdelijk en permanent huisvesten van 1900 studenten op diverse locaties in de stad. We doen veel hetzelfde.”
CareX zou aan de gemeente Amsterdam een zakenpartner kunnen hebben. Volgens PvdA-gemeenteraadslid Michiel Mulder bezitten de centrale stad en stadsdelen 120 leegstaande panden. Bij ruim twintig daarvan is de invulling nog ongewis, zegt Mulder. Hij noemt dit een kwalijke zaak, omdat de gemeente het goede voorbeeld zou moeten geven bij de bestrijding van leegstand. Wethouder Van Poelgeest stelt in een reactie dat onder meer sprake is van frictieleegstand – leegstand tussen twee verhuringen in. Mulder ijvert voor tijdelijk gebruik van lege kantoren voor onder meer studentenhuisvesting.

Johan van der Tol