|
|
De gemeenteraadsverkiezingen komen eraan. Elk verkiezingsprogramma is ambitieus en uitdagend. Maar welk volkshuisvestelijk programma spreekt mij aan? Wat is voor mij belangrijk? Als goed socioloog ga ik daarvoor analytisch te werk.
Mijn wensen ga ik eerst categoriseren. Met behulp van een simpel kruisdiagram kom ik al snel tot vier categorieën: doelgroepen, kwaliteit, samenlevingsopbouw en woningvoorraad. Vervolgens komt de echte verkiezingsvraag: wat wil ik per categorie de komende vier jaar bereiken? Besturen is immers prioriteren, anders bereik je niets in vier jaar.
In het schema hieronder staan per categorie mijn favoriete thema’s voor de komende vier jaar. Daarbij gaat het niet alleen om de afzonderlijke thema’s. Het gaat ook om de samenhang ertussen en om welke thema’s er niet staan. Samenhang is om ervoor te zorgen dat de thema’s elkaar versterken. Benoemen wat ontbreekt is van belang, want aan die thema’s wordt de komende vier jaar geen prioriteit gegeven. Laten we mijn keuzes eens verdiepen.
Doelgroepen: jongeren vormen de meest kansarme doelgroep in onze woningmarkt. En het aantal ouderen groeit snel terwijl het woningaanbod te weinig aansluit op hun behoeften. Wat daaraan te doen? Dan ligt mijn prioriteit bij het veranderen en vergroten van het aanbod in de nieuwbouw en woningvoorraad met de collectieve woonconcepten waar deze doelgroepen behoefte aan hebben.
Kwaliteit: schimmelprobleem in woningen blijven levensgroot voortwoekeren. Oplossingen hiervoor zijn complex en kosten veel geld. Betere isolatie en ventilatie zijn soms zo duur of schieten tekort, dat – zeker in de vroeg naoorlogse woningvoorraad – sloop een reële optie is. Maar ook dat kost veel geld en heeft meestal een flinke sociale impact. Dat is echter geen reden om het schimmelprobleem uit de weg te gaan.
Het energievraagstuk hangt hier gedeeltelijk mee samen. De energielast is voor veel mensen (te) zwaar. Energiearmoede lijkt niet te verdwijnen. Dat aanpakken, in samenhang met de schimmelproblematiek en de gewenste verduurzaming van de energiebronnen, vraagt dringend om meer aandacht.
Samenlevingsopbouw: leefbaarheid en veerkracht van buurten zijn een permanente zorg. Dat gaat over samenleven, voorzieningen, kwetsbaarheid en eenzaamheid. Samenlevingsopbouw is niet een exclusief wonen-thema. Het vraagt om grensverleggende samenwerking met andere maatschappelijk sectoren zoals zorg, welzijn, onderwijs en politie. Ondersteunend daarin is de bouw en beheer van collectieve woonconcepten, buurtvoorzieningen en het aansluiten bij bestaande bewonersinitiatieven.
Woningvoorraad: pleiten voor de groei van de woningvoorraad is een open deur. Dat blijft een ‘must’. Groei van de woningvoorraad kan door meer te bouwen, maar ook door (bestaande en nieuwe) woningen anders te (kunnen) gebruiken. Een voorbeeld van simpele verandering in het aanbod is zichtbaar in de Houthavens. Daar hebben nieuwe woningen een oppervlakte van ca. 90 m2. Een woning bestaat uit de volgende delen:
• drie kamers, met per kamer een eigen natte cel met wc en douche, met een totaaloppervlakte van ca. 20 m2 per eenheid;
• één gezamenlijke woonkeuken met een totaaloppervlakte van ca. 20 m2;
• de resterende 10 m2 gaat op aan verkeersruimte en enkele andere collectieve voorziening.
Verkiezingsprogramma's vergelijken
Naast ander gebruik van woningen heb ik één andere prioriteit. Dat is het structureel vergroten van het aanbod voor middeninkomens. Dat aanbod is verdwenen door de huurprijsliberalisering en het uitsluiten van corporaties in dit huursegment. Voor mensen die we hard nodig hebben – zoals onderwijzers, agenten, zorgmedewerkers en mensen in de bouw – is er nauwelijks een kans op een woning. En door het ontbreken van een betaalbaar middensegment stagneert de doorstroming uit de sociale huur, waardoor wachtlijsten ellenlang blijven. Mijn grootste wens is daarom dat corporaties structureel grote aantallen woningen toevoegen aan de middenhuur.
Wat is nu de waarde van mijn verlanglijstje anders dan om mijn politieke voorkeur te bepalen. Ik hoop dat het schema gebruikt kan worden om elk verkiezingsprogramma te plotten. Zo zijn de verschillende programma’s makkelijker te vergelijken. Het invullen van het schema lijkt mij een schone taak voor de politieke partijen.
| Léon Bobbe is socioloog en volkshuisvester. Hij is onder meer commissaris bij Parteon en oud-bestuurder van Woonstichting Lieven de Key. Als één van de drie columnisten van NUL20 beschouwt hij iedere twee maanden een aspect van de volkshuisvesting, dat relevant is voor de Metropoolregio Amsterdam. Het trio vaste columnisten van NUL20 bestaat naast Bobbe uit Ruud Fiere en Kasper Baggerman. Alle columns van: Leon Bobbe |