Overslaan en naar de inhoud gaan

Voormalige groeikernen zoals Almere en Purmerend lobbyen voor extra Rijkssubsidies om de gevolgen van hun snelle groei op te kunnen vangen. In de jaren zeventig en tachtig werden er veel wijken tegelijk uit de grond gestampt die nu allemaal toe zijn aan een grote opknapbeurt. Bovendien nemen de sociale problemen in hoog tempo toe. “Zonder een integraal meerjarenprogramma redden we het niet.”

Tekst - auteur(s)
Jaco Boer

Toen in 1976 de eerste Amsterdammers in Almere Haven in hun gloednieuwe sociale huurwoningen trokken, konden de meesten hun geluk niet op. De woningen die aan rustige straten en grachten lagen, waren ruim en betaalbaar. Het vele groen tussen de huizen stak scherp af tegen de krappe en stenige 19e-eeuwse stadswijken waar ze uit waren vertrokken. Al bleef er vaak wel die heimwee naar de Dappermarkt of oude Jordaan.

Vijftig jaar later is die woonidylle flink verbleekt. De woningen zijn afgetrapt en voldoen niet meer aan de huidige duurzaamheidseisen. Straten en pleinen zijn aan een opknapbeurt toe, maar het is onduidelijk waar het geld vandaan moet komen. De corporaties proberen wel met het toevoegen van kleinere woningen en seniorencomplexen meer variatie te brengen in het eenzijdige woningbestand van grote eengezinswoningen. Maar zodra hiervoor een plantsoen of binnentuin moet wijken, lopen bewoners ertegen te hoop. “In Almere zijn we gewend om ruim en goed tussen het groen te wonen. Dan is het lastig om een buurt ervan te overtuigen dat er moet worden verdicht”, vertelt regiomanager Kim Ronner van Ymere die zelf ook in Almere woont.

Image
Almere Haven De Hoven

Almere is niet de enige plek waar vijftig jaar geleden in het kader van het groeikernenbeleid in korte tijd duizenden sociale huurwoningen werden gebouwd om de steden te ontlasten. Zo ontstonden in Purmerend in de jaren zeventig en tachtig grote uitbreidingswijken als Overwhere Noord, De Gors Noord en Purmer Noord. Op andere plaatsen in de Randstad groeiden voormalige dorpen als Zoetermeer, Spijkenisse of Nieuwegein zelfs uit tot middelgrote stad. In al die gemeenten zijn tussen nu en tien jaar complete wijken aan renovatie of vervanging toe. De openbare ruimte is er ook sleets geworden. Omdat bewoners die het kunnen betalen inmiddels naar andere wijken zijn getrokken, blijven veelal groepen met lage inkomens, problematische schulden en een slechte gezondheid achter. De leefbaarheid holt daardoor achteruit.

In een rapport dat eind 2024 aan voormalig volkshuisvestingsminister Mona Keijzer werd aangeboden, becijferden zeven voormalige groeikernen dat er voor de komende jaren zeker drie miljard euro nodig is om de dreigende verloedering te keren. Bovenal willen deze gemeente erkenning voor hun specifieke problemen die in hun ogen een eigen investeringsprogramma verdient. Voorlopig houdt het Rijk de boot af, al kregen enkele voormalige groeikernen in het kader van een Regiodeal afgelopen jaar tien miljoen euro om de leefbaarheid te verbeteren. Het is een druppel op een gloeiende plaat.

“We staan in Almere voor een enorme opgave die nog niet bij iedereen op zijn netvlies staat. Dat moet veranderen"

Afgelopen winter herhaalden de new towns nog maar een keer hun oproep om meer aandacht en geld van het Rijk. Regiomanager Kim Ronner van Ymere sloot zich daar van harte bij aan. “We staan in Almere voor een enorme opgave die nog niet bij iedereen op zijn netvlies staat. Dat moet veranderen. Natuurlijk wonen hier ook veel mensen heel erg fijn. En iedereen is blij dat de stad langzaam van zijn slechte imago af begint te raken. Dan is het extra lastig om te vertellen dat Almere ook een daklozenprobleem heeft en relatief veel jongeren in de criminaliteit belanden. Maar als we niet op korte termijn handelen, worden de problemen echt te groot.”

Regiodirecteur Koen Westhoff van De Alliantie is het met Ronner eens dat de dreigende verloedering van sommige stadsdelen snel aangepakt moet worden. Als voorzitter van het Havenverbond ziet hij ook dat de gemeente, corporaties en welzijnsorganisaties in Almere Haven samen de problemen te lijf willen gaan. Maar hij mist een gezamenlijke aanpak waarin de projecten en investeringen van de verschillende partijen op elkaar zijn afgestemd. “Zonder zo’n integraal meerjarenprogramma redden we het niet.”

In korte tijd 300 miljoen investeren

Om het corporatiebezit op te knappen en ontbrekende woningtypen voor kleinere huishoudens bij te bouwen schat hij dat De Alliantie, Ymere en GoedeStede in Almere Haven samen een slordige 300 miljoen euro moeten investeren. Dat bedrag is op zich wel op te hoesten, maar het moet allemaal in relatief korte tijd worden geïnvesteerd. Dat is een probleem. Bovendien moet er in de komende jaren ook verouderd bezit in Almere Stad worden opgeknapt.

Hoeveel geld er nodig is om de leefbaarheid in beide stadsdelen te verbeteren, is onbekend. Dat de oudste wijken daarbij voorrang moeten krijgen, is voor iedereen wel duidelijk. Zo kregen in de meest recente Leefbaarometer van het ministerie van BZK grote delen van De Wierden, De Hoven en De Werven in Almere Haven het predikaat “zwak”. De buurt Binnenhof/Langshof kwam zelfs uit op een onvoldoende. Ten opzichte van twee jaar eerder was de leefbaarheid er ook achteruit gegaan. Hetzelfde geldt voor de buurt Centrum Stad-Oost in Almere Stad waar Ymere aardig wat woningen bezit aan weerszijden van de Stationsstraat. Daar is veel overlast van bedelaars en verslaafden, een probleem dat je eerder met moederstad Amsterdam associeert.

Image
Almere De Wierden

In Purmerend concentreren de leefbaarheidsproblemen die met de status van voormalige groeikern samenhangen, zich onder meer in stadsdeel Purmer Noord. De ruime eengezinswoningen werden er in de jaren tachtig gebouwd en zijn nog altijd voor een aanzienlijk deel in bezit van woningcorporaties Wooncompagnie en Intermaris. Net als in Almere zijn deze woningen en de openbare ruimte eromheen aan een grote opknapbeurt toe. Dat vinden ook veel bewoners. In de laatste gemeentelijke Omnibus-enquête kreeg het stadsdeel het laagste cijfer van alle wijken als het gaat om de tevredenheid over de inrichting van de buurt. Een op de vijf inwoners gaf Purmer Noord op dit punt een onvoldoende: dat is anderhalf keer zoveel als elders in Purmerend. Ook op kwesties als het veiligheidsgevoel, ervaren overlast (van rommel en andere bewoners) en de beleving van criminaliteit scoort Purmer Noord in vergelijking met andere wijken slecht. Bijna de helft van de bewoners vindt dat de wijk “een beetje” tot “duidelijk” achteruit is gegaan.

Purmer Noord

De gemeente erkent dat er iets moet gebeuren om de leefbaarheid te verbeteren. Burgemeester Van Selm legt uit dat op dit moment samen met andere new towns wordt onderzocht welke aanpak het meeste resultaat oplevert en hoeveel ondersteuning daar van het Rijk voor nodig is. “Intussen zitten we niet stil in Purmer Noord. We werken er aan een verkeersveiligheidsplan en een opwaardering van het Leeghwaterpark dat ook ons stadspark is. Na meerdere straatroven in de donkere wintermaanden hebben we daar tijdelijke maatregelen genomen zoals een verbeterde verlichting en het afsluiten van een doorgang waar veel jongeren rondhingen. Met een woningcorporatie, een welzijnsorganisatie en andere partijen pakken we ook de leefbaarheid rondom de Overlandstraat aan.”

“We blijven als gemeente werken aan de veiligheid in alle wijken, niet alleen in Purmer Noord"

De gemeente heeft daarnaast een aantal permanente maatregelen genomen die voor heel Purmerend gelden. Zo kunnen vrouwen via een meldpunt onveilige plekken doorgeven en heeft de gemeenteraad extra geld uitgetrokken om op tachtig locaties met een andere inrichting en beheer de openbare ruimte veiliger te maken. “We blijven als gemeente werken aan de veiligheid in alle wijken, niet alleen in Purmer Noord. Het is daarbij belangrijk om op tijd maatregelen te nemen en zo de negatieve trend te doorbreken. We trekken daarin samen met onze partners op.”