Het vierde kwartaal van 2025 bracht een gemiddelde stijging van 6,2% in de huizenprijzen van koopwoningen ten opzichte van 2024, melden het Centraal Bureau voor Statistiek (CBS) en het Kadaster.
Opvallend is dat de grootste prijsstijgingen vooral in de oostelijke gemeenten van Nederland plaatsvinden. Zo stijgen de prijzen het hardst in Winterswijk (21,6%), gevolgd door de gemeenten Albrandswaard (19,1%), Zoeterwoude (17,6%) en Pekela (17,4%).
In enkele gemeenten, waaronder Wormerland, Gulpen-Wittem en Valkenburg aan de Geul, daalden de huizenprijzen ten opzichte van het laatste kwartaal 2024.
Verschillen tussen gemeenten
Sinds midden 2023 zijn de huizenprijzen van koopwoningen in de meeste grotere gemeenten gestegen. Peter Hein van Mulligen, hoofdeconomie bij CBS, wijdt dit aan de gestegen inkomens en de nog steeds relatief lage hypotheekrente.
In kleinere gemeenten niet het CBS en Kadaster een afvlakking van de prijsstijging. Toch heeft de recente stijging in het afgelopen kwartaal ervoor gezorgd dat de huizenprijzen in veel gemeenten weer recordhoogtes bereikt.
Prijsstijgingen binnen de MRA
De prijsstijgingen binnen de Metropoolregio Amsterdam vertonen een aantal duidelijke verschillen. In Amsterdam was de stijging relatief klein, met 1.6%. In omliggende gemeenten is de groei hoger: Almere (3,9%), Amstelveen (4,6%), Haarlem (5%), Haarlemmermeer (7,2%) en Zaanstad (7%). In Wormerland zien we een uitzonderlijke daling (-1,5%).
Van Mulligen verklaart de verschillen tussen Amsterdam en omliggende gemeente vanuit de ‘wet van de remmende voorsprong’. “Het is lastig om de prijzen precies te duiden, maar we zagen dat in Amsterdam de prijzen al eerder stegen. Dit kan bijvoorbeeld ertoe hebben geleid dat Amsterdammers meer naar omliggende gemeenten zijn verhuisd, wat daar de prijzen heeft opgedreven." (DB)