Boeken

In de NUL20 boekenrubriek worden publicaties besproken op het terrein van stedelijke ontwikkeling, wonen, volkshuisvesting, wijkontwikkeling en leefbaarheid.

In dit Engelstalig boek willen de vele auteurs en initiatiefnemers van projecten duidelijk maken dat lokale voedselproductie meer betekenis heeft dan een leuke hobby: stadslandbouw kan - in zijn vele vormen - bijdragen aan minder vervoerskilometers, verser en beter voedsel en - niet onbelangrijk - meer betrokkenheid van burgers bij hun buurt en stad.

Digitale apparaten en systemen veranderen de manier waarop we leven, en dus ook hoe we als bewoners een stedelijke samenleving creëren. Gaat het die kant op – van een verzameling anonieme technologieën die het verkeer of energieverbruik reguleren, of de toegang tot bepaalde gebouwen: de smart city? Of blijft er ruimte voor een social city?

Terwijl in Amsterdam het fietsparkeren tot een echte kwestie lijkt uit te groeien, is de fiets volgens de Rotterdamse ontwerpers Stefan Bendiks en Aglalée Degros toch echt dé oplossing voor stedelijke verkeersproblemen, inclusief files, lawaai, vervuiling en ruimtegebrek. En het is nog gezond ook.

Het aantal Nederlandse architectenbureaus stijgt omgekeerd evenredig met de omzetontwikkeling in de branche. Uit noodzaak - en soms uit overtuiging - starten ontslagen en startende architecten een eigen onderneming. In dit boek worden ze de 'post-star' generatie genoemd. Ze houden zich zelden meer bezig met iconische ontwerpen of grootschalige seriebouw.

Steeds meer gezinnen willen in de grote steden wonen, maar veel woningen in de stad zijn daar niet geschikt voor. Veel gezinnen passen daar een mouw aan om toch maar in de stad te kunnen wonen. Heren 5 architecten zocht met BNA Onderzoek en vijftien collega architecten naar slimme ontwerpoplossingen voor eensgezinsappartementen.

421 archiefdozen, 81 verhuisdozen, 10 stellingkasten, vier ladenkasten en ontelbare herinneringen liggen aan de basis van ‘Cordaan Rond’, een geschiedenis en beschrijving van wat tegenwoordig een ‘zorgconcern’ heet. Een boek over talloze vormen van zorg, met aandoenlijke verhalen. Maar ook een beeld van verzakelijking: fusies, schaalvergroting en ‘bedrijfsopbrengsten’.

Dit boek vormt natuurlijk zelf het antwoord op de titel. Maar het verwijst misschien ook naar de angst van menige stedenbouwkundige: kiest de zelfbouwer en masse voor de boerderette of een goedkope cataloguswoning met zo veel mogelijk binnenruimte? Of brengt de geboden bouwvrijheid onvermoede creatieve talenten naar boven?

Nederland is praktisch volgebouwd en dichtbevolkt. Dat staat er garant voor dat bij ieder ruimtelijk project verschillende overheden en particuliere partijen over elkaar heen rollen. Om een aantal jaren later te constateren dat oorspronkelijke visies en wensen zijn achterhaald door de realiteit. Althans, zo gaat het vaak.

Hoewel niemand de Randstad als een eenheid zou durven presenteren, is het begrip zelf onmogelijk weg te denken. Al was het maar omdat de betrokken gemeenten en provincies, om het Rijk niet te vergeten, tot elkaar zijn veroordeeld als het gaat om het continueren van de economische dynamiek in dit gebied.

In het januarinummer van NUL20 kwam ‘Publiek vastgoed’ van architect Marc van Leent al ter sprake (bespreking op www.nul20.nl). Zijn betoog wordt nu rijkelijk aangevuld door beroepsgenoot Matthijs de Boer, die ‘Binnen in de stad’ het licht deed zien.

Een boek dat bijna geen moment verveelt is deze verzameling portretten (18 stuks) in tekst en beeld van Amsterdamse bootbewoners. Jowi Schmitz, zelf bootbewoonster, tekende de persoonlijke verhalen op van mensen die het water verkiezen boven de vaste wal. Zoals te verwachten viel hebben ze meestal wel wat te vertellen, want het leven op een boot brengt aparte ervaringen met zich mee.

Hoe reageren bewoners op de ingrepen die horen bij stedelijke vernieuwing en hoe ervaren zij hun ‘geherstructureerde’ leefomgeving? Twee studenten stadssociologie (UvA) onderzochten het in Nieuw-West en in Zuid-Oost. De uitkomsten verrassen niet: de ene bewoner is tevreden, de ander niet.

Woningcorporaties komen de laatste tijd regelmatig in het nieuws als er iets misgaat met miljoenenspeculaties of wanneer de als wat al te ruimhartig ervaren beloning van directeuren aan de orde is.

Zo’n veertig jaar geleden begon het ‘groeikernbeleid’ zijn opmars in Nederland. Het kwam neer op versnelde en vooral functionele bouw rond grotere steden, zodat een overloop van woningzoekenden mogelijk werd. Inmiddels wonen er (volgens een cijfer van begin 2012) ruim 860.000 mensen in plaatsen als Almere, Purmerend, Haarlemmermeer, Houten of Nieuwegein. Maar de Schwung is er uit.

Doorstroming, het is inmiddels een begrip geworden dat woningcorporaties en gemeenten doet watertanden. Vanzelfsprekend is het immers allang niet meer. Woningzoekenden, en dan vooral nieuwkomers en starters, hebben het nakijken. Alle reden voor een experiment, vond Platform31, en dan met name gericht op grotere sociale huurwoningen.

Pagina's